HCRB&T

Beknopte geschiedenis van de Historische Collectie Bevoorradings- & Transporttroepen

Medio 1975 werden de plannen voor het aanleggen van een korpsverzameling voor het Dienstvak der Intendance in werkelijkheid omgezet. Het was de Regiments-commandant, de toenmalige luitenant-kolonel A.C. van der Cingel, die opdracht gaf tot het aanleggen van deze korpsverzameling. Het was hem niet geheel onbekend dat kapitein B.C. Cats belangstelling koesterde voor een militaire historie en op 11 juli 1975 kreeg hij de opdracht om dit te gaan organiseren. Op de “Open dag” 25 september 1976 werd een bescheiden expositie ingericht op de Kolonel Palm-kazerne te Bussum in een voormalig badhuis.

De officiële opening vond plaats op 6 mei 1981 door de voorzitter van de Traditie Commissie Krijgsmacht, brigade-generaal titulair b.d. Van Diepenbrugge.

Op 20 oktober 2000 werd het Regiment Intendancetroepen en het Regiment Aan – en Afvoertroepen samengevoegd en het nieuwe Regiment Bevoorradings- & Transporttroepen opgericht. In 2007 is de collectie als gevolg van het sluiten van de Kolonel Palmkazerne te Bussum in zijn geheel verhuisd naar Soesterberg.

Op 4 november 2010 is de Stichting Historische Collectie Regiment Bevoorradings- & Transporttropen opgericht. De Historische Collectie Bevoorradings- & Transporttroepen bestaat uit een verzameling van ten toon gestelde materialen, een bibliotheek en een opslagmagazijn op de locatie Soesterberg. Het gaat hierbij om de voormalige collectie van het (stam) Regiment Intendance en de Regimentscollectie behorende tot het voormalig (stam) Regiment van de Aan- en Afvoertroepen (inbegrepen het Korps Motordienst), aangevuld met de collectie van het Regiment Bevoorradings- & Transporttroepen sinds haar oprichting in 2000.

Na een ingrijpende verbouwing in 2017 is de Historische Collectie gevestigd in gebouw V20 van het Museumpark Logistieke Dienst op het Zeisterspoor 8 te Soesterberg en is elke maandag en woensdag tussen 10.00 uur en 15.00 uur gratis voor iedereen te bezoeken.

In 2017 is de collectie van de Aan- en Afvoertroepen vanuit Stroe bij de Historische Collectie Bevoorradings- & Transporttroepen ondergebracht.

De militaire intendance was één van de logistiekediensten van de Koninklijke Landmacht. Zij was belastmet de bevoorrading van het leger met levensmiddelen (klasse I); brandstof, olie en smeermiddelen (klasse III); alle soorten munitie (klasse V) en specifieke intendance-goederen zoals kleding en uitrusting, veldkeukens, legeringsmaterieel etc.(klasse II en klasse IV)

De intendance leidde, voor het beheer en de distributie, speciaal personeel op zoals materieel-beheerders, koks, hofmeesters enz. Daarnaast verleende de intendance een aantal diensten zoals werktroepensteun, bad- en was faciliteiten en bewassing van kleding, lakens en dekens, schoenmakers, kleermakers.

Ook de Gravendienst is een taak van de intendance nl. het identificeren en registreren van gesneuvelden en het inrichten van militaire begraafplaatsen.

Voor de Tweede Wereldoorlog was de intendance een klein dienstvak. Tijdens die oorlog werd de legerverzorging sterk uitgebreid, als gevolg hiervan ontstond na 1945 het Korps Verplegingstroepen en het Regiment Uitrustingstroepen, die in 1950 beiden opgingen in het Regiment Intendancetroepen.

De geschiedenis van het stamregiment Aan- en Afvoertroepen begint met de oprichting in 1913 van het Vrijwillig Militair Automobiel Korps (VMAK) en het Vrijwillig Militair Motor Korps (VMMK). Deze korpsen hadden echter nog geen echte logistieke taak, maar dienden meer voor de commandovoering en ordonnansdiensten. Van deze korpsen konden alleen mannen lid worden die aangesloten waren bij de Koninklijke Nederlandse Automobiel Club (KNAC). Tevens moesten zij hun eigen auto of motor ter beschikking stellen. Het VMAK en VMMK dienden er voor, mocht aan Nederland de oorlog verklaard worden, te voorzien in het vervoeren van personeel. Door de technologische ontwikkelingen, de toegenomen internationale spanningen en het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, bleek dat er voor de mobilisatie grote behoefte was aan grootschalige vervoerscapaciteit. Hiertoe werd het Etappe-Verplegings-Autobataljon opgericht. Dit bataljon bestond uit zo’n driehonderd gevorderde auto’s die waren omgebouwd tot zogenaamde bakauto’s. Daarmee konden vanuit diverse treinstations de divisies bevoorraad worden. Door de neutraliteitspositie van Nederland werd dit systeem echter nooit echt op de proef gesteld.

Vanaf 1913 tot en met de Tweede Wereldoorlog bestonden de (vracht)auto’s en motoren van de Motordienst voor het grootste gedeelte uit gevorderde, civiele transportmiddelen. Met de vorming van een nieuw leger na de Tweede Wereldoorlog nam de AAT vele geallieerde voertuigen over. Het nieuwe Nederlandse leger kon rekenen op grote steun van de Amerikanen, dit alles ook in het kader van het Mutual Defense Assistance Program (MDAP-hulp). Door de professionalisering van de logistiek kwamen ook steeds meer voertuigen in gebruik die speciaal voor hun logistieke-militaire taak waren gemaakt. Hierbij valt te denken aan de vele DAF’s die speciaal voor de landmacht gebouwd werden, maar ook aan de vanaf 2000 ingevoerde speciale zogenaamde wissellaadsystemen, flatracks en containers. Hierdoor konden, op basis van het onafhankelijk lastdragerconcept (OLC), verschillende soorten goederen samen vervoerd worden en hadden de afzonderlijke containers en flatracks dezelfde bevestigingspunten, waardoor elke vrachtauto ze mee kon nemen. Wat echter nog belangrijker was, was dat lading en voertuig structureel waren ontkoppeld. Een voertuig kon zijn lastdrager afzetten en kon alternatief worden aangewend, zelfs voor een volledig andere goederenklasse. De trend is dat militaire voertuigen (met uitzondering van wapensystemen e.d.) steeds meer gebaseerd zijn op civiele ontwerpen. Het containerconcept is bijvoorbeeld geheel overgenomen uit de civiele vervoerswereld. Hierbij is standaardisatie op civiele maten van belang om te koppelen aan civiel scheeps- en luchtvervoer.

Hoe het één en ander tot stand is gekomen willen wij U graag laten zien tijdens de rondwandeling door onze historische collectie.

Via de entree, waar u bij de informatiebalie diverse militaria kunt aanschaffen of informatie kunt krijgen over de andere militaire musea die Defensie rijk is, betreedt u dan de expositie. Met behulp van de Collectiegids welke u bij de informatiebalie voor slechts € 1,00 kunt kopen wordt u uitgebreid geïnformeerd over de expositie. Vele onderdelen van de expositie zijn voorzien van een QR-code. Middels uw foto-app of QR-code scanner op uw mobiel kunt u ook extra informatie krijgen over de expositie. Uiteraard zijn onze vrijwilligers altijd bereid u van extra achtergrond informatie te voorzien.